vrijdag 19 oktober 2018

20 oktober Shwedagon Pagoda

Ik zit naast de ingang westzijde op een teakhouten plateau lekker in de schaduw. Achter mij ligt een gigantische Boeddha achter een hekje. Om mij heen op zijn zondags geklede Birmese mensen die flessen water en plastic tasjes met eten mee hebben. Het is een dagje uit. Mijn uitzicht is op het onderste deel van de pagoda waar het hier allemaal om draait. Ik kan de diamanten in de top vanaf hier niet zien maar wel een groot deel van de gouden banen daaronder.

Op ongeveer 50 meter hoogte slaan werklieden nieuwe plakken koper en goud tegen de muur. 

Het was een lange wandeltocht toch nog van het hotel naar hier: vol goede moed vertrok ik om 7:30 vanuit mijn sjieke airco hotelkamer (met koelkast en tv). 

Nog redelijk koel buiten. Vriendelijk knikkende mensen op weg naar hun werk. In het roze geklede meiden wassen de etalageramen van een nieuwe winkel. 

Overal ontbijtstalletjes. Heb eigenlijk ook best honger en schuif ergens aan waar de noodels er smakelijk uit zien. De kokkin schuift me gelijk ook maar een kommetje soep met een soort van paksoy toe en knipt met een schaar een soort gefrituurde cracker boven mijn noodels in stukjes. 


Ik schenk mezelf van de kan die op tafel staat een mokje thee in. Een oudere dame komt op het plastic krukje naast mij zitten om te bestellen en in haar beste Engels en mijn beste Burmees maken we een praatje (niveau 'hoe gaat het?' 'Goed'). Mijn soepkommetje is leeg en wordt gelijk bijgevuld door een andere soep. 'Mohing' denk ik te verstaan. Ik eet alles braaf op en betaal 600 Kyat ( ongeveer 50 cent). 

Langs drukke straat met veel toeterend verkeer en winkels, bouwputten, straat vegers en een jongen die met tuinslang de weg besproeid. Ik loop en loop en loop. Het wordt warmer en warmer en warmer. Het zou toch ongeveer een half uur lopen moeten zijn? Ik vraag de weg nog maar eens. Ben bij Peoples Park inmiddels. Een jongen met tanaka op de wangen en neus lacht me vriendelijk toe omdat hij denkt dat ik frisdrank bij hem wil kopen. "Shwedagon that way?" Probeer ik. "Yes yes" zegt hij. Een uur later blijkt dat het toch de andere kant op was... 

Maar ik ben er nu dus. Inmiddels in de schaduw wat afgekoeld. Shwedagon is dè place to be als je Birmees en boeddhist bent. Het mekka, zeg maar. Ik ga op zoek naar de donderdaghoek. Iedere dag van de week heeft namelijk een eigen Boeddha. Je moet zijn bij de hoek van de dag waarop je bent geboren. Daar breng je als boeddhist offers. Maar ik ben niet religieus. Ik maak foto's. 

5 opmerkingen:

Margot zei

Oh wat heerlijk om zo met je mee te reizen Ester. Wat een prachtige foto's!

Esther Griek zei

Wat lief. Dankjewel!

gkaper zei

Zo mooi herkenbaar dit. Met name de weg vragen, ze zullen altijd Ja zeggen en lachen.

Esther Griek zei

Dank Gerrit!

Esther Griek zei

Ja, heel 'behulpzaam'. Hahaha