donderdag 25 oktober 2018
Esther paar dagen op onbereikbaar strand
Dawei, 25 oktober
Vanmorgen na heerlijk uitslapen lopend vertrokken vanaf hotel richting markt waarop een van de bewakers aanbood mij te brengen. Oke hosee! De markt is nu wel weer open en het is er een drukte van belang. Ik loop door de nauwe steegjes, bewonder al het goud bij een paar vitrines maar ben eigenlijk op zoek naar andere bling bling. Ik wil graag van die flikkerende lichtjes kopen die hier bij alle huizen in strengen hangen en de nacht versieren ivm het festival. Nergens te vinden...
Dan maar met scootertaxi naar het toeristenbureau om alvast slaapplek voor morgen te regelen ergens op het strand. Dus ik vraag Njei me te brengen naar de touristoffice. Begrijpt hij niet. Ik zeg "I want to go to Hello Dawei". "Ah, I know" is het antwoord. Hij begint te rijden. Volgens mij de verkeerde kant op maar wie ben ik, hij zal het wel weten. Het moet maximaal 5 minuten rijden zijn. Maar we rijden door en door en door. Ik vraag voor de zekerheid nog maar eens "We go to Hello Dawei, yes?". "Yes, yes, on highway" zegt Mjei. Eh, volgens mij niet. We rijden Dawei uit. Het klopt niet. Maar ik zit eigenlijk wel lekker. Het briesje van zo'n rit voelt goed. Ben benieuwd waar we heen gaan. Overal rijstvelden nu met hier en daar een buffel, wat houten huisjes op palen en een winkeltje. Verder en verder gaan we. "Only five minutes" zegt Njei. En dan stoppen we plotseling ergens op een brede weg tussen de rijstvelden en the middle of nowhere. Er staan nog twee auto's geparkeerd en van binnen moet ik heel hard lachen als ik zie wat ik in het veld daarachter zie: enorme giga koeienletters met de woorden Welcome to Dawei. Hahaha. Nu snap ik de verwarring met Hello Dawei. Enkele mooi geklede Burmese dames poseren voor hun manne die foto's maken. Ze wenken mij. "You come please". Want met zo'n witte foreigner er bij krijgt je foto toch net wat meer zwoeng, ook al is de witte een totaal onbekende. Hahaha. Ik grijp de kans om mijn camera ook bij een van de mannen in de handen te duwen voor jou, lieve lezer, voor mezelf en voor al het nageslacht.
En nu we toch zo ver uit Dawei zijn al vraag ik mijn chaffeur ook maar om mij naar een of meerdere van de beroemde negen pagoda's in deze streek te brengen waar iedereen het over heeft. Hij brengt me naar een plek met meerdere torentjes/stupa's, een drukbezochte bladgouden boeddha met veel gekleurde lampjes en spiegelmozaiek er achter, een prachtige nieuwe boeddha van marmer, andere offerspots met gekleurde beelden en plaatjes met het levensverhaal van Boeddha van prins tot aan de verlichting. Ik zou deze plek voor jullie misschien het beste kunnen omschrijven als efteling meets Gaudi en dan religieus. Er is een tuin met 42 boeddhabeelden, mediterend met de handen steeds in een andere positie. Twee meisjes lopen er in hun mooiste schattige jurkjes.
Na dit alles rijden we nog door naar een van de vele mega boeddha's die dit land rijk is. "Second greatest in world". Aha. Daarom krijg ik hem met geen mogelijkheid in geheel op de foto. Een bejaard krom dametje staart naar me. "Nekaung la?", "hoe gaat het?" , vraag ik. Ze lacht breed naar me met haar tandeloze mond. "Kaung ba dèr", "goed". Ik eet ergens onder grote belangstelling een noodlesoepie voor we terugkeren naar Dawei.
Lokale simcard kopen bij flashy Samsung shop waar de snelle meisjesvingers achter. De balie binnen paar minuten mijn telefoon op nieuwe kaart instellen. Ik ben vanaf nu bereikbaar op nummer 09892085148 mocht je in de buurt zijn. Next stop op dit scooteravontuur is een bling bling lampjes winkel. Njei weet er een voor mij te vonden waar naast lichtjesstrengen in blauw, roze en groen ook gelijk maar zo fantastische gouden plastic waterlelielamp koop die rondjes draait. Het wordt een heel kleurrijke kerst dit jaar, helemaal blij!
Nu net bij toeristenbureau trip geboekt naar het schiereiland in het zuiden van Dawei waar allerlei prachtige stranden zijn. Ik ga er slapen in een hutje aan zee op het strand. Zin in!
Tof gesprek nog met Portugees/Australier Ronato die het bureautje heeft opgezet in januari. Hij had een goede zakenbaan in Australië en woonde met vriendin in dik penthouse in Sydney. Huwelijk liep stuk en hij was het snelle leven zat. Baan opgezegd en wereld ingetrokken, Azië door en toen in Myanmar geland waar hij nu toeristen op weg helpt en Burmese boys traint on the job. Inspirerend.
Op advies van Ronato eet ik verderop in de straat bij vitrinerestaurantje La Min Thar. Ik kies tafeltje en net wanneer ik wil opstaan om een gerecht uit de schalen aan te wijzen, komt er een schattig meisje met roze haarband en veel tanaka op de wangen mijn tafel vol met schaaltjes zetten. Blijkbaar weten ze hier al wat ik of een gemiddelde 'foreigner' wil eten. Hahaha. Het zit hier vol en bij de vitrine is het een komen en gaan en worden plastic zakjes vol gerechten als take-away mee gegeven. Ik eet mijn rijst, taugesoep, kunstig gesneden komkommer, rijst, glibberige van olie aardappel en super crispy kip vol smaak op. Colaatje er bij. En betaal uiteindelijk 2300 Kyatt wat ongeveer € 1,75 is. Dat is dan weer mooi ter compensatie van de dure hotels van de afgelopen dagen.
Terug in hotel nog een cocktail met Will. Geen tijd meer over voor zwembad. Dat moet dan maar morgenochtend vroeg voordat ik om 8:30 wordt opgepikt. Nu slapen.
woensdag 24 oktober 2018
Dawei, 24 oktober
Gisteren ben ik in de ochtend door Yasmin nog in Myeik meegenomen naar de markt. Verse vissen in alle maten ("the best fishes they sell already to Thailand"), alle onderdelen van koeien, varkens en kippen keurig uitgestald op schalen. Manden en zakken vol pepers in alle schakeringen rood. Vrouwen, benen gekruist onder zich, die verkopen en zichzelf koelte toewapperen met ronde roze of mintgroene waaiers. Veel vliegen ook en zielige magere honden die hopen dat er iets op de glibberige betonnen vloer valt. Afijn, je kent het.
We rijden verder in de brandweerrode auto van Yasmin richting haar nieuwe hotel waar ze mij vol trots een rondleiding geeft. Wauw: brede trappen, een strak gelakte lobby afgewerkt met mooi lokaal hout. Klokken met de tijd van Yangon, Parijs en New York. Brede gangen, mooie kamers bijna af. Op bovenste verdieping uitzicht over zee met schepen en de boeddha in de verte. Jongens staan bezweet hier de nieuwe tafeltjes te schuren. Yasmin haalt er een vinger langs: het is nog niet perfect genoeg dus doorschuren maar. Op het aangrenzende terras geniet ik van het uitzicht en maken we nog een paar foto's samen voor ik met scooter terug wordt gebracht.
Om 12 uur afscheid van Starshine en Twinkle Star die mij uitzwaaien als ik met de minibus wegrijdt, Myeik achter mij latend. We rijden Dawei uit langs heel veel rubberplantages, weinig rijstvelden, dorpjes, over kronkelwegen door de bergen. Zo nu en dan stoppen voor eten en hurktoilet. Het is geen fijne rit: bus volgestouwd, kotsende medereizigers achter mij, warmte ondanks 'airco'. De Myanmarese palingsound de bescheiden door de boxen schalt en mee wordt gezongen door dames is nog wel ok, maar het meisje dat naast mij zit en op haar telefoon keihard andere nummers er doorheen knalt is minder fijn. Ik weet niet of ze het doet om mij te imponeren maar als ik mijn oordopjes uit tas haal.en in mijn phone stop, stopt ze de hare weg. Kggt, kggt, doen de veren en de bus gaat op en neer over de slechte wegen hier. We hobbelen zo hard dat mijn stappenteller meetelt: > 30.000. "Overachiever" zegt de fitbit app.
We komen rond 19:00 aan in Donker Dawei maar de vriend van mijn vrienden van gisteren krijg ik niet te pakken. En mijn vrienden van gisteren ook niet. Ik laat me afzetten in een willekeurig hotel. "We full, everything full in Dawei", zegt de receptionist. Ik bel nog maar een keer en nog een keer. Het wordt 20:00. Het wordt 21:00. Eindelijk krijg ik een vriend van een vriend van mijn vrienden van gisteren te pakken. "I allready asleep" zegt hij. "Oh no, please help me!". Gelukkig komt hij even later naar mij toe. Het is inmiddels 22:00 als we door donker Dawei in de auto van de vriend ("you call me mr David") een hoteltour afleggen. Ik heb honger. Ik ben moe. We komen bij een soort toeristbureautje waar nog paar vrienden met David nog wat adresje voor mij bellen. Ik heb mazzel: er is een kamer vrij gekomen van een gast die niet kwam in The Mandolin. Na een portie french fries onderweg kom ik uitgeput om 23:30 aan bij mijn sjieke kamer. In ieder geval voor één nacht onderdak.
Inmiddels ook voor vandaag en morgen een hotel gevonden: stukje goedkoper maar nog steeds boven mijn normale standaard. Ik wandel richting centrum. Inschattingsfout: na vijf minuten al zuchtend en nat van het zweet.
Alle winkels en meeste restaurantjes zijn dicht ivm festival dat nog steeds gaande is. Ik loop door naar het nieuwe touristoffice, net geopend, waar het personeel helaas nog geen Engels spreekt. Hier ontmoet ik de Ier Will, de eerste westerse toerist die ik spreek sinds Schiphol. We spreken af in het Hiking café, een toeristenspot to be met Engels menu met vooral Thaise gerechten, gerund door een jong stel dat paar jaar in Bangkok heeft gewerkt. Will had reist op zijn fiets door Z-O Azië en had gisteren hetzelfde hotel probleem als ik en is toevallig net als ik ook vanmorgen verhuis van The Mandolis naar Hotel Dawei.
Ik heb vandaag een vrije dag, niets hoeft alles mag, geen programma. De eigenaar biedt aan om mij zelf naar de rivieroever te brengen als ik hem vraag om een scootertaxi te bellen. No charge. Ik slenter langs het water, een shabby boulevard. Passeer het festivalterrein waar ze het podium afbreken. De met bloemen en slingers versierde entreeboog staat er nog en ook een megabillboard met afbeeldingen van de artiesten. Ik loop langs de "rivermarket" waar maar enkele kraampjes open zijn en het verder een dooie boel is. Een paar jongens sjouwen met lege viskratten. Ik breek het ijs met een snotterig kindje zonder onderbroek met mijn babbel en geef hem via moeder een ballon. Ik loop verder. Bewonder planten die in potten aan touwtjes aan dakgoten hangen à la VT-wonen Urban Jungle style.
Bij een bakkertje met westerse zoetigheden, de enige spot in omstreken die op deze nationale feestdag wel open is, eet ik een brownie. Ook nieuw in Myanmar...
maandag 22 oktober 2018
23 oktober Myeik
Vamorgen weer vroeg op. Ik zat nog even bij het zitje naast de receptie in boekje te schrijven om 7:00. "You breakfast" zegt Yasmin en komt koffie brengen en een banaan en mierzoete knalroze cakejes. Niet veel later komt iemand een soort zoete rijstbolletjes brengen en daarna wordt er nog een schaal dikke noedels met tauge, linzen en chili voor mijn neus gezet. "You eat". Oh ja. Het is best lekker allemaal maar ik ben niet zo'n grote ontbijter.
De open truck die mij oppikt voor de tour komt een kwartier eerder dan gepland voorrijden. Ik haast mij nog even naar kamer om tas te halen. Op de kade en aan boord blijkt dat ik de enige westerse toerist ben. Verder een man of twintig Birmezen. In een reuze speedboot krijgen we zwemvesten uitgereikt met "I love Myanmar" op de rug. En dat klopt. Veel gelach aan boord. De Birmezen en ik hebben dezelfde humor.
Het programma van de tour omvat een waterval, een eiland met zeegypsies, een snorkelspot, twee azuurblauwe baaien met strand en een bezoek aan de liggende Boedhha op het eiland recht voor de kust van Myeik. Volle dag dus.
Het is allemaal heel fotogeniek maar ik geniet vooral ook van de interactie met de Birmezen aan boord en de crew (stuurman, twee hulpjes en gids Sunny).
Het is heerlijk als de boot op volle kracht over de zee batst. Wijdse uitzichten als we Myeik achter ons laten, een watergebied met heel veel eilandjes bewoond en onbewoond. We sjezen als in Amsterdamned door de mangrovegrachten. Woehoe klinkt het als ik mijn jurk uittrek en in bikine te water ga om te snorkelen. Mijn nieuwe vrienden gaan allemaal met kleding aan compleet met zwemvest te water. "You how many kilo?" vraagt iemand na het zwemmen. Ja hoor! "I don't say, you can not ask a lady" antwoord ik.
De lunch is uitgebreid en fantastisch. We zitten met z'n allen aan grote tafels die vol gezet worden met schaaltjes eten. Myanmaarse cuisine. Een soort rijsttafel. Ik hou van al deze curry's en soep en salades. Als dessert cocosnoot met een rietje vers uit de boom verderop.
Al mijn nieuwe vrienden willen met mij op de foto en ik met hen. Het kleine jongetje dat vanochtend nog moest huilen toen ik, enge blanke buitenlander, zo maar naast hem ging zitten, zwaait nu lief naar mij terwijl hij "hello, hello, hello" mompelt.
Ik maak een praatje met een oudere heer die enthousiast in perfect Engels verteld dat hij chauffeur is bij de Britse ambassade. More than 30 years. Trots laat hij op zijn mobiel foto's zien van zichzelf in gedecoreerd uniform met dure zwarte auto's, Tony Blair, Boris Johnson, een hele serie andere Britse hoogwaardigheidsbekleders die ik niet ken en, tatadaraa: Angelina Jolie. Hij geeft me zijn business card. Handig, mocht ik ooit een sjieke chauffeur in Myanmar nodig hebben! Terug aan wal neem ik afscheid van mijn nieuwe beste-vrienden-voor-een-dag.
In hotel zijn de solarprojectmannen weer in de lobby. We spreken af samen te eten. Ze hebben het over de night-market, prima en goedkope eetstalletjes op de kade. Maar als we daar aan komen lopen veranderen ze (voor mij?) Toch hun plan. "We take you to the best fish restaurant of Myeik". Met drie scootertaxis gaan we in konvooi door de avondduisternis de straten van Myeik door. Langs fel verlichte blitse elektronicawinkels, donkere steegjes, straathonden die net niet onder de scooter komen. Tot we in een brede straat stoppen bij een soort beergarden waar tientallen scooters staan en de plastic tafels en stoelen vol zitten. Er is nog een tafel aan de staatkant vrij. Met kusgeluidjes pfft pfft, wordt de serveersters aandacht getrokken om de tafel leeg te ruimen. Ik loop naar de verlichte vitrine waarachter de kok de meest fantastische visgerechten in schalen heeft uitgestald.
Ik herken inktvis, gefrituurde sprotjes en garnalencurry. Maar de andere gerechten die er ook heerlijk uit zien niet. Ik wijs op een soort wokkelschelp. "How do you eat that?" De kok lacht, schept er een paar voor me op een bordje en doet voor hoe je de schelp met de bolle kant tegen je mond zet en het gewokkelde weekdiertje er vervolgens uitzuigt. Hahaha. Blijkt verrassend goed binnen te houden! De boys met wie ik hier ben hebben intussen met onze schattige serveerster besproken wat er op onze tafel moet komen: van alles wat maar vooral veel wokkels (want daar is 'Esta' zo enthousiast over).
Een van de jongens is druk aan het bellen met een vriend in Dawei. Daar wil ik morgen heen maar tot nu toe is een kamer boeken nog niet gelukt want in Dawei is vanaf morgen een festival en dat wist ik niet... "You don't worry, my friend will help you". De vriend zal mij morgen van het busstation daar oppikken en heeft dan hopelijk een kamer voor mij geregeld. Ik ben benieuwd hoe dat gaat lopen morgen...
Ze vinden het overigens heel grappig dat ik meedrink met hun whiskey en dat ik er cola bij giet. Een van hen probeert dat ook. Cheers! Ze batalen alles voor mij: taxi, eten, drankjes en omdat ze weigeren geld aan te nemen koop ik een nieuwe fles whiskey voor ze. 'Univers' oid heet het merk (@pieter Griek). Het is nog lang gezellig en na aandringen lukt het ons om uiteindelijk ook Han Tha Soe van tafel mee krijgen om terug te scooteren naar hotel. Met hem blijf ik nog tot laat hangen in de lobby, diepgaande levensgesprekken. Wat een bijzondere dag weer!